De of het factitief?

Het juiste lidwoord is:

het factitief

  • Meervoud: de factitieven
Betekenis 1. (taalkunde) werkwoorden die uitdrukken dat het onderwerp de handeling niet zelf uitvoert maar dit door anderen laat doen 2. (taalkunde) lijdend voorwerp dat niet alleen het slachtoffer van de handeling is maar ook het doel van de handeling

Zo gebruik je factitief

Met lidwoordhet factitief
Dit of dezedit factitief
Dat of diedat factitief
Ons of onzeons factitief
Jouwjouw factitief
Elk of elkeelk factitief
Welk of welkewelk factitief?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot factitief, het grote factitief
Meervoudde factitieven, deze factitieven

Voorbeeldzinnen met factitief

  • Ik heb mijn huis laten schilderen
  • Ik '" bak het vlees

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).