De of het dutjestaks?

Het juiste lidwoord is:

de dutjestaks

  • Meervoud: de dutjestaksen
Betekenis een financiële bijdrage die ouders moeten betalen, zodat hun kinderen op school een dutje kunnen doen

Zo gebruik je dutjestaks

Met lidwoordde dutjestaks
Dit of dezedeze dutjestaks
Dat of diedie dutjestaks
Ons of onzeonze dutjestaks
Jouwjouw dutjestaks
Elk of elkeelke dutjestaks
Welk of welkewelke dutjestaks?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote dutjestaks, de grote dutjestaks
Meervoudde dutjestaksen, deze dutjestaksen

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).