De of het dorpsherberg?

Het juiste lidwoord is:

de dorpsherberg

  • Meervoud: de dorpsherbergen
  • Verkleinwoord: het dorpsherbergje
Betekenis klein, eenvoudig hotel in een dorp; belangrijkste hotel van een dorp

Zo gebruik je dorpsherberg

Met lidwoordde dorpsherberg
Dit of dezedeze dorpsherberg
Dat of diedie dorpsherberg
Ons of onzeonze dorpsherberg
Jouwjouw dorpsherberg
Elk of elkeelke dorpsherberg
Welk of welkewelke dorpsherberg?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote dorpsherberg, de grote dorpsherberg
Meervoudde dorpsherbergen, deze dorpsherbergen

Voorbeeldzinnen met dorpsherberg

  • ' Ik dacht dat hij doelde op de dorpsherberg, waar ze, voor zover ik wist, weleens gasten hadden.
  • Ik vond het fijn als er mensen naar de dorpsherberg kwamen.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).