De of het del?

Het juiste lidwoord is:

de del

  • Meervoud: de dellen
  • Verkleinwoord: het delletje
Betekenis 1. (scheldwoord) ordinaire vrouw, onkuise vrouw, een meisje van lichte zeden 2. een kleine komvormige laagte of kuil, een duinvallei

Zo gebruik je del

Met lidwoordde del
Dit of dezedeze del
Dat of diedie del
Ons of onzeonze del
Jouwjouw del
Elk of elkeelke del
Welk of welkewelke del?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote del, de grote del
Meervoudde dellen, deze dellen

Voorbeeldzinnen met del

  • Wat een del van een buurvrouw heb jij!

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).