De of het coronacriticus?

Het juiste lidwoord is:

de coronacriticus

  • Meervoud: de coronacritici
Betekenis 1. (medisch, politiek) persoon die het niet eens is met het te strenge overheidsbeleid tijdens de coronapandemie 2. (medisch, politiek) persoon die het niet eens is met het te slappe overheidsbeleid tijdens de coronapandemie

Zo gebruik je coronacriticus

Met lidwoordde coronacriticus
Dit of dezedeze coronacriticus
Dat of diedie coronacriticus
Ons of onzeonze coronacriticus
Jouwjouw coronacriticus
Elk of elkeelke coronacriticus
Welk of welkewelke coronacriticus?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote coronacriticus, de grote coronacriticus
Meervoudde coronacritici, deze coronacritici

Voorbeeldzinnen met coronacriticus

  • 'Al die mensen die de afgelopen weken coronadagboeken hebben geschreven, coronaregels opgevolgd, coronatalkshows gekeken, coronagesprekken gevoerd en tegen coronacritici hebben staan schreeuwen.
  • Magufuli is een fervent coronacriticus: hij ontkent het bestaan van het virus niet, maar hij vindt alle ophef rond het aantal besmettingen en opnames maar overdreven.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).