De of het coalitieleider?

Het juiste lidwoord is:

de coalitieleider

  • Meervoud: de coalitieleiders
Betekenis (politiek) leider van een verbond

Zo gebruik je coalitieleider

Met lidwoordde coalitieleider
Dit of dezedeze coalitieleider
Dat of diedie coalitieleider
Ons of onzeonze coalitieleider
Jouwjouw coalitieleider
Elk of elkeelke coalitieleider
Welk of welkewelke coalitieleider?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote coalitieleider, de grote coalitieleider
Meervoudde coalitieleiders, deze coalitieleiders

Voorbeeldzinnen met coalitieleider

  • Coalitieleider Rutte vindt dat dit erbij hoort.
  • Vervolgens is er steeds om en om een oppositie- en een coalitieleider aan de beurt.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).