De of het brokstuk?

Het juiste lidwoord is:

het brokstuk

  • Meervoud: de brokstukken
  • Verkleinwoord: het brokstukje
Betekenis elk van de delen van een in stukken gebroken object

Zo gebruik je brokstuk

Met lidwoordhet brokstuk
Dit of dezedit brokstuk
Dat of diedat brokstuk
Ons of onzeons brokstuk
Jouwjouw brokstuk
Elk of elkeelk brokstuk
Welk of welkewelk brokstuk?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot brokstuk, het grote brokstuk
Meervoudde brokstukken, deze brokstukken

Voorbeeldzinnen met brokstuk

  • De brokstukken liggen over honderden meters verspreid.
  • Bij deeltjesfysici leeft de hoop dat wanneer ze deeltjes met steeds meer energie op elkaar schieten, in de brokstukken vanzelf een keer nieuwe, nog onbekende exemplaren opduiken.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).