De of het buitenwerk?

Het juiste lidwoord is:

het buitenwerk

  • Meervoud: de buitenwerken
Betekenis 1. het arbeiden in de buitenlucht 2. werk dat aan de buitenkant van een gebouw gedaan moet worden

Zo gebruik je buitenwerk

Met lidwoordhet buitenwerk
Dit of dezedit buitenwerk
Dat of diedat buitenwerk
Ons of onzeons buitenwerk
Jouwjouw buitenwerk
Elk of elkeelk buitenwerk
Welk of welkewelk buitenwerk?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot buitenwerk, het grote buitenwerk
Meervoudde buitenwerken, deze buitenwerken

Voorbeeldzinnen met buitenwerk

  • Zijn armen waren bruin van het buitenwerk en zijn biceps bolden.
  • Wil je je boerderij behouden, dan moet je het buitenwerk heel goed bijhouden, weten de bewoners van deze monumenten. Iedere lekkage, iedere gebroken pan, iedere kapotte afvoer meteen aanpakken.

Woorden die beginnen met buitenwerk

buitenwerkingstelling | buitenwerking

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).