De of het autoportier?

Het juiste lidwoord is:

het autoportier

  • Meervoud: de autoportieren
Betekenis deur waardoor een passagier een auto in- en uit kan gaan

Zo gebruik je autoportier

Met lidwoordhet autoportier
Dit of dezedit autoportier
Dat of diedat autoportier
Ons of onzeons autoportier
Jouwjouw autoportier
Elk of elkeelk autoportier
Welk of welkewelk autoportier?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot autoportier, het grote autoportier
Meervoudde autoportieren, deze autoportieren

Voorbeeldzinnen met autoportier

  • Het mooie geluid dat je autoportier maakt als je het dichtslaat, is nep.
  • Bij de tweede keer werd het autoportier van de bestuurder geopend en gesloten en reed de Fiat weg.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).