De of het boerenplaats?

Het juiste lidwoord is:

de boerenplaats

  • Meervoud: de boerenplaatsen
  • Verkleinwoord: het boerenplaatsje
Betekenis bedrijf en woonplaats van een boer

Zo gebruik je boerenplaats

Met lidwoordde boerenplaats
Dit of dezedeze boerenplaats
Dat of diedie boerenplaats
Ons of onzeonze boerenplaats
Jouwjouw boerenplaats
Elk of elkeelke boerenplaats
Welk of welkewelke boerenplaats?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote boerenplaats, de grote boerenplaats
Meervoudde boerenplaatsen, deze boerenplaatsen

Voorbeeldzinnen met boerenplaats

  • De doopsgezinde Zwitsers vertoonden de bekende kenmerken van eenvoud en spaarzaamheid en wisten op den duur een boerenplaats in eigendom te verwerven.
  • slechts gedeeltelijk op de hoogte bleek van de toestand in onze grietenij, dat wil zeggen die van onze boerenplaats, Hemelumer Oldeferd.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).