De of het bezettingsjaar?

Het juiste lidwoord is:

het bezettingsjaar

  • Meervoud: de bezettingsjaren
Betekenis een jaar dat een land door een vreemde mogendheid wordt overheerst

Zo gebruik je bezettingsjaar

Met lidwoordhet bezettingsjaar
Dit of dezedit bezettingsjaar
Dat of diedat bezettingsjaar
Ons of onzeons bezettingsjaar
Jouwjouw bezettingsjaar
Elk of elkeelk bezettingsjaar
Welk of welkewelk bezettingsjaar?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot bezettingsjaar, het grote bezettingsjaar
Meervoudde bezettingsjaren, deze bezettingsjaren

Voorbeeldzinnen met bezettingsjaar

  • Vanaf de tweede helft van het eerste bezettingsjaar volgen de anti-Joodse maatregelen in Nederland elkaar in hoog tempo op.
  • Tijdens de bezettingsjaren kwam in het gebouw Geloof en Vrijheid van de Nederlands Hervormde Kerk op de 1e Pijnackerstraat regelmatig een verzetsgroep, geleid door Jacob Jan Hamelink, bijeen.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).