De of het beencel?

Het juiste lidwoord is:

de beencel

  • Meervoud: de beencellen
Betekenis (biologie) de meest voorkomende cel in botweefsel

Zo gebruik je beencel

Met lidwoordde beencel
Dit of dezedeze beencel
Dat of diedie beencel
Ons of onzeonze beencel
Jouwjouw beencel
Elk of elkeelke beencel
Welk of welkewelke beencel?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote beencel, de grote beencel
Meervoudde beencellen, deze beencellen

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).