De of het bakfietsgezin?

Het juiste lidwoord is:

het bakfietsgezin

  • Meervoud: de bakfietsgezinnen
  • Verkleinwoord: het bakfietsgezinnetje
Betekenis gezin waar men de kinderen in een bakfiets vervoert

Zo gebruik je bakfietsgezin

Met lidwoordhet bakfietsgezin
Dit of dezedit bakfietsgezin
Dat of diedat bakfietsgezin
Ons of onzeons bakfietsgezin
Jouwjouw bakfietsgezin
Elk of elkeelk bakfietsgezin
Welk of welkewelk bakfietsgezin?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot bakfietsgezin, het grote bakfietsgezin
Meervoudde bakfietsgezinnen, deze bakfietsgezinnen

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).