De of het basisploeg?

Het juiste lidwoord is:

de basisploeg

  • Meervoud: de basisploegen
  • Verkleinwoord: het basisploegje
Betekenis (sport) standaard team waarop later nog wijzigingen kunnen worden aangebracht

Zo gebruik je basisploeg

Met lidwoordde basisploeg
Dit of dezedeze basisploeg
Dat of diedie basisploeg
Ons of onzeonze basisploeg
Jouwjouw basisploeg
Elk of elkeelke basisploeg
Welk of welkewelke basisploeg?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote basisploeg, de grote basisploeg
Meervoudde basisploegen, deze basisploegen

Voorbeeldzinnen met basisploeg

  • Na tien maanden blessureleed keerde Duplan in november terug in de basisploeg van FC Utrecht.
  • Roel Brouwers maakte weer deel uit van de basisploeg van Borussia Möchengladbach, dat in groep A in eigen stadion tegen FC Zürich aantrad.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).