De of het basisgoed?

Het juiste lidwoord is:

het basisgoed

  • Meervoud: de basisgoederen
Betekenis iets dat men als elementair voor het voortbestaan beschouwt

Zo gebruik je basisgoed

Met lidwoordhet basisgoed
Dit of dezedit basisgoed
Dat of diedat basisgoed
Ons of onzeons basisgoed
Jouwjouw basisgoed
Elk of elkeelk basisgoed
Welk of welkewelk basisgoed?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot basisgoed, het grote basisgoed
Meervoudde basisgoederen, deze basisgoederen

Woorden die beginnen met basisgoed

basisgoederen

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).