De of het banktegoed?

Het juiste lidwoord is:

het banktegoed

  • Meervoud: de banktegoeden
Betekenis (financieel) geld dat men op een bankrekening heeft staan

Zo gebruik je banktegoed

Met lidwoordhet banktegoed
Dit of dezedit banktegoed
Dat of diedat banktegoed
Ons of onzeons banktegoed
Jouwjouw banktegoed
Elk of elkeelk banktegoed
Welk of welkewelk banktegoed?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot banktegoed, het grote banktegoed
Meervoudde banktegoeden, deze banktegoeden

Voorbeeldzinnen met banktegoed

  • De negatieve rente geldt tot nu toe voor het banktegoed boven de 100.000 euro.
  • Om vast te stellen hoeveel vermogen een huishouden heeft, maakt het CBS een optelsom van bezittingen (zoals je banktegoed en de waarde van je huis) en schulden (zoals je hypotheek).

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).