De of het bacillendrager?

Het juiste lidwoord is:

de bacillendrager

  • Meervoud: de bacillendragers
Betekenis (medisch) iets of iemand die bacteriën kan overdragen zonder er zelf ziek van de zijn

Zo gebruik je bacillendrager

Met lidwoordde bacillendrager
Dit of dezedeze bacillendrager
Dat of diedie bacillendrager
Ons of onzeonze bacillendrager
Jouwjouw bacillendrager
Elk of elkeelke bacillendrager
Welk of welkewelke bacillendrager?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote bacillendrager, de grote bacillendrager
Meervoudde bacillendragers, deze bacillendragers

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).