De of het apparatenbezit?

Het juiste lidwoord is:

het apparatenbezit

Betekenis 1. het in eigendom hebben van toestellen 2. de verzameling toestellen die men in eigendom heeft

Zo gebruik je apparatenbezit

Met lidwoordhet apparatenbezit
Dit of dezedit apparatenbezit
Dat of diedat apparatenbezit
Ons of onzeons apparatenbezit
Jouwjouw apparatenbezit
Elk of elkeelk apparatenbezit
Welk of welkewelk apparatenbezit?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot apparatenbezit, het grote apparatenbezit

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).