De of het bijbaan?

Het juiste lidwoord is:

de bijbaan

  • Meervoud: de bijbanen
  • Verkleinwoord: het bijbaantje
Betekenis werk dat je doet naast je belangrijkste activiteiten

Zo gebruik je bijbaan

Met lidwoordde bijbaan
Dit of dezedeze bijbaan
Dat of diedie bijbaan
Ons of onzeonze bijbaan
Jouwjouw bijbaan
Elk of elkeelke bijbaan
Welk of welkewelke bijbaan?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote bijbaan, de grote bijbaan
Meervoudde bijbanen, deze bijbanen

Voorbeeldzinnen met bijbaan

  • Studenten hebben vaak een bijbaantje om de studie te kunnen betalen.
  • De profossor had veel bestuurlijke bijbaantjes in verschillende maatschappelijke organisaties.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).