De of het ankerwacht?

Het juiste lidwoord is:

de ankerwacht

  • Meervoud: de ankerwachten
Betekenis 1. (scheepvaart) taak om erop te letten dat een schip veilig op een bepaalde plaats blijft liggen 2. (persoon, scheepvaart) iemand die erop moet letten dat een schip veilig op een bepaalde plaats blijft liggen

Zo gebruik je ankerwacht

Met lidwoordde ankerwacht
Dit of dezedeze ankerwacht
Dat of diedie ankerwacht
Ons of onzeonze ankerwacht
Jouwjouw ankerwacht
Elk of elkeelke ankerwacht
Welk of welkewelke ankerwacht?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote ankerwacht, de grote ankerwacht
Meervoudde ankerwachten, deze ankerwachten

Voorbeeldzinnen met ankerwacht

  • Enfin, altijd ankerwacht houden, zelfs als je drooggevallen bent dus!
  • Daar Funchall eene opene haven is van Oost langs het Zuiden naar het West Zuid-Westen, stelde ik eene goed bemande ankerwacht op: Een onderofficier op het halfdek met twee matrozen vóór …

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).