De of het afsluitdatum?

Het juiste lidwoord is:

de afsluitdatum

  • Meervoud: de afsluitdatums / afsluitdata
Uitzondering Woorden op -um en -ium krijgen meestal het, maar afsluitdatum is een uitzondering. Bekijk de regel
Betekenis 1. het tijdstip waarop een verbinding wordt verbroken 2. (boekhouding) tijdstip waarop een balans wordt gesloten

Zo gebruik je afsluitdatum

Met lidwoordde afsluitdatum
Dit of dezedeze afsluitdatum
Dat of diedie afsluitdatum
Ons of onzeonze afsluitdatum
Jouwjouw afsluitdatum
Elk of elkeelke afsluitdatum
Welk of welkewelke afsluitdatum?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote afsluitdatum, de grote afsluitdatum
Meervoudde afsluitdatums, deze afsluitdatums

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).