De of het achterbuurman?

Het juiste lidwoord is:

de achterbuurman

  • Meervoud: de achterbuurmannen / achterbuurlieden / achterbuurlui
Betekenis de buur die met de achtertuin aan de eigen tuin grenst

Zo gebruik je achterbuurman

Met lidwoordde achterbuurman
Dit of dezedeze achterbuurman
Dat of diedie achterbuurman
Ons of onzeonze achterbuurman
Jouwjouw achterbuurman
Elk of elkeelke achterbuurman
Welk of welkewelke achterbuurman?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote achterbuurman, de grote achterbuurman
Meervoudde achterbuurmannen, deze achterbuurmannen

Voorbeeldzinnen met achterbuurman

  • `Dat is een vrijbiljet voor een gedelegeerdenwagon,'zei de achterbuurman van Antonina Aleksandrovna, die over haar schouder het stempel op de pas had ontcijferd.
  • De gebeurtenis heeft volgens Jeuring, achterbuurman van het getroffen gezin, een gigantische impact gehad in de buurt.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).