De of het aanvalsdaad?

Het juiste lidwoord is:

de aanvalsdaad

  • Meervoud: de aanvalsdaden
Betekenis de keer dat men aanvalt

Zo gebruik je aanvalsdaad

Met lidwoordde aanvalsdaad
Dit of dezedeze aanvalsdaad
Dat of diedie aanvalsdaad
Ons of onzeonze aanvalsdaad
Jouwjouw aanvalsdaad
Elk of elkeelke aanvalsdaad
Welk of welkewelke aanvalsdaad?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote aanvalsdaad, de grote aanvalsdaad
Meervoudde aanvalsdaden, deze aanvalsdaden

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).