De of het zwemongeluk?

Het juiste lidwoord is:

het zwemongeluk

  • Meervoud: de zwemongelukken
  • Verkleinwoord: het zwemongelukje
Betekenis een ongeval gedurende het zwemmen

Zo gebruik je zwemongeluk

Met lidwoordhet zwemongeluk
Dit of dezedit zwemongeluk
Dat of diedat zwemongeluk
Ons of onzeons zwemongeluk
Jouwjouw zwemongeluk
Elk of elkeelk zwemongeluk
Welk of welkewelk zwemongeluk?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot zwemongeluk, het grote zwemongeluk
Meervoudde zwemongelukken, deze zwemongelukken

Voorbeeldzinnen met zwemongeluk

  • Dit jaar zijn er al 8 mensen overleden na een zwemongeluk.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).