De of het zelfbewoningsplicht?

Het juiste lidwoord is:

de zelfbewoningsplicht

  • Meervoud: de zelfbewoningsplichten
Betekenis de verplichting om zelf in een gekochte woning te gaan wonen en deze woning dus niet te gebruiken als beleggingsobject

Zo gebruik je zelfbewoningsplicht

Met lidwoordde zelfbewoningsplicht
Dit of dezedeze zelfbewoningsplicht
Dat of diedie zelfbewoningsplicht
Ons of onzeonze zelfbewoningsplicht
Jouwjouw zelfbewoningsplicht
Elk of elkeelke zelfbewoningsplicht
Welk of welkewelke zelfbewoningsplicht?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote zelfbewoningsplicht, de grote zelfbewoningsplicht
Meervoudde zelfbewoningsplichten, deze zelfbewoningsplichten

Voorbeeldzinnen met zelfbewoningsplicht

  • Ook is de hulp van het Rijk nodig om een zelfbewoningsplicht mogelijk te maken.
  • Ze missen een 'noodknop' om extreme huurstijgingen te verbieden of een zelfbewoningsplicht om zo huisjesmelkers af te schrikken.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).