De of het witstaartsneeuwhoen?

Het juiste lidwoord is:

het witstaartsneeuwhoen

  • Meervoud: de witstaartsneeuwhoenderen / witstaartsneeuwhoenders
  • Verkleinwoord: het witstaartsneeuwhoentje
Betekenis (hoendervogels) Lagopus leucura een vogel uit de familie fazantachtigen (Phasianidae). De soort is voor het eerst in 1831 door John Richardson wetenschappelijk beschreven.

Zo gebruik je witstaartsneeuwhoen

Met lidwoordhet witstaartsneeuwhoen
Dit of dezedit witstaartsneeuwhoen
Dat of diedat witstaartsneeuwhoen
Ons of onzeons witstaartsneeuwhoen
Jouwjouw witstaartsneeuwhoen
Elk of elkeelk witstaartsneeuwhoen
Welk of welkewelk witstaartsneeuwhoen?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot witstaartsneeuwhoen, het grote witstaartsneeuwhoen
Meervoudde witstaartsneeuwhoenderen, deze witstaartsneeuwhoenderen

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).