De of het wildparkeerder?

Het juiste lidwoord is:

de wildparkeerder

  • Meervoud: de wildparkeerders
Betekenis (persoon, verkeer, juridisch) iemand die zijn vervoermiddel tijdelijk achterlaat op een plaats die daar niet voor bestemd is (meestal om kosten of inspanning te vermijden)

Zo gebruik je wildparkeerder

Met lidwoordde wildparkeerder
Dit of dezedeze wildparkeerder
Dat of diedie wildparkeerder
Ons of onzeonze wildparkeerder
Jouwjouw wildparkeerder
Elk of elkeelke wildparkeerder
Welk of welkewelke wildparkeerder?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote wildparkeerder, de grote wildparkeerder
Meervoudde wildparkeerders, deze wildparkeerders

Voorbeeldzinnen met wildparkeerder

  • Rond 19.15 uur werd de brandweer gealarmeerd voor een buitenbrand langs het Boerenpad, maar de doorgang naar dit fietspad werd belemmerd door een wildparkeerder …

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).