De of het werklast?

Het juiste lidwoord is:

de werklast

  • Meervoud: de werklasten
Betekenis 1. het werk dat gedaan moet worden en de belasting die dat oplevert 2. maximale gewicht dat bij recht hijswerk gehesen mag worden

Zo gebruik je werklast

Met lidwoordde werklast
Dit of dezedeze werklast
Dat of diedie werklast
Ons of onzeonze werklast
Jouwjouw werklast
Elk of elkeelke werklast
Welk of welkewelke werklast?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote werklast, de grote werklast
Meervoudde werklasten, deze werklasten

Voorbeeldzinnen met werklast

  • „Dit kan uiteindelijk resulteren in een te grote werklast, burn-out en verstoorde relaties in het gezin.”
  • De werklast is veel lager dan wat nodig is om een kabel te laten breken.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).