De of het weerwil?

Het juiste lidwoord is:

de weerwil

Betekenis ondanks iets gebeurt het toch

Zo gebruik je weerwil

Met lidwoordde weerwil
Dit of dezedeze weerwil
Dat of diedie weerwil
Ons of onzeonze weerwil
Jouwjouw weerwil
Elk of elkeelke weerwil
Welk of welkewelke weerwil?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote weerwil, de grote weerwil

Voorbeeldzinnen met weerwil

  • In weerwil van de regen en de storm hadden de scouts toch een prima kampeerweekeinde gehad.
  • In weerwil van alle tegenwerking had ze toch maar als eerste haar diploma gehaald.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).