De of het vistocht?

Het juiste lidwoord is:

de vistocht

  • Meervoud: de vistochten
  • Verkleinwoord: het vistochtje
Betekenis een korte reis die men maakt om te vissen

Zo gebruik je vistocht

Met lidwoordde vistocht
Dit of dezedeze vistocht
Dat of diedie vistocht
Ons of onzeonze vistocht
Jouwjouw vistocht
Elk of elkeelke vistocht
Welk of welkewelke vistocht?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote vistocht, de grote vistocht
Meervoudde vistochten, deze vistochten

Voorbeeldzinnen met vistocht

  • Maar ze laten zich niet afschrikken door de gebeurtenis, de volgende vistocht naar de Golf van Panama is al weer geboekt.
  • Op zondagochtend nam Lauritz Karl besluitvaardig mee op een vistochtje, de zoon moest roeien.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).