De of het verfbeurt?

Het juiste lidwoord is:

de verfbeurt

  • Meervoud: de verfbeurten
  • Verkleinwoord: het verfbeurtje
Betekenis de keer dat men iets (opnieuw) voorziet van een verflaag

Zo gebruik je verfbeurt

Met lidwoordde verfbeurt
Dit of dezedeze verfbeurt
Dat of diedie verfbeurt
Ons of onzeonze verfbeurt
Jouwjouw verfbeurt
Elk of elkeelke verfbeurt
Welk of welkewelke verfbeurt?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote verfbeurt, de grote verfbeurt
Meervoudde verfbeurten, deze verfbeurten

Voorbeeldzinnen met verfbeurt

  • Je huis heeft een verfbeurt nodig.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).