De of het vastgoedbranche?

Het juiste lidwoord is:

de vastgoedbranche

  • Meervoud: de vastgoedbranches
Betekenis bedrijfstak die zich richt op het exploiteren van huizen en gebouwen

Zo gebruik je vastgoedbranche

Met lidwoordde vastgoedbranche
Dit of dezedeze vastgoedbranche
Dat of diedie vastgoedbranche
Ons of onzeonze vastgoedbranche
Jouwjouw vastgoedbranche
Elk of elkeelke vastgoedbranche
Welk of welkewelke vastgoedbranche?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote vastgoedbranche, de grote vastgoedbranche
Meervoudde vastgoedbranches, deze vastgoedbranches

Voorbeeldzinnen met vastgoedbranche

  • Wel neemt de rechter het kwalijk dat Stroink altijd hoog opgaf over integriteit en dat hij zichzelf "het geweten van de vastgoedbranche" noemde.
  • Ook hield de bank onvoldoende rekening met de extra risico's bij bedrijven of ondernemers uit onder meer de autobranche en de vastgoedbranche …

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).