De of het uniformjas?

Het juiste lidwoord is:

de uniformjas

  • Meervoud: de uniformjassen
  • Verkleinwoord: het uniformjasje
Betekenis (kleding) over andere kleding gedragen bedekking van armen en bovenlichaam, onderdeel is van de volgens voorschrift gelijke kleren die leden van een bepaalde groep dragen

Zo gebruik je uniformjas

Met lidwoordde uniformjas
Dit of dezedeze uniformjas
Dat of diedie uniformjas
Ons of onzeonze uniformjas
Jouwjouw uniformjas
Elk of elkeelke uniformjas
Welk of welkewelke uniformjas?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote uniformjas, de grote uniformjas
Meervoudde uniformjassen, deze uniformjassen

Voorbeeldzinnen met uniformjas

  • De man forensde naar de kazerne in uniform, in zijn eigen auto die ook door zijn vrouw en kinderen werd gebruikt. De uniformjas hing thuis aan de kapstok.
  • Hij droeg een alpinopetje en een uniformjasje met enkele medailles, maar ik herkende het uniform niet, militairen droegen toch nooit een alpinopetje? Ik besefte bijna meteen hoe dom ik was.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).