De of het uitpeiling?

Het juiste lidwoord is:

de uitpeiling

  • Meervoud: de uitpeilingen
Regel Woorden op -ing: bijna altijd de. Bekijk de regel
Betekenis (waterbeheer) opmeting van de bodem na afloop van de werkzaamheden

Zo gebruik je uitpeiling

Met lidwoordde uitpeiling
Dit of dezedeze uitpeiling
Dat of diedie uitpeiling
Ons of onzeonze uitpeiling
Jouwjouw uitpeiling
Elk of elkeelke uitpeiling
Welk of welkewelke uitpeiling?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote uitpeiling, de grote uitpeiling
Meervoudde uitpeilingen, deze uitpeilingen

Voorbeeldzinnen met uitpeiling

  • De uitpeiling van het kustgebied gaf aan dat er uiteindelijk veel minder zand gesuppleerd was dan in het bestek was aangegeven.
  • Na het baggeren zal de peilboot VLIET een uitpeiling doen.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).