De of het twaalfde-eeuwer?

Het juiste lidwoord is:

de twaalfde-eeuwer

  • Meervoud: de twaalfde-eeuwers
  • Verkleinwoord: het twaalfde-eeuwertje
Betekenis iemand die in de twaalfde eeuw heeft geleefd

Zo gebruik je twaalfde-eeuwer

Met lidwoordde twaalfde-eeuwer
Dit of dezedeze twaalfde-eeuwer
Dat of diedie twaalfde-eeuwer
Ons of onzeonze twaalfde-eeuwer
Jouwjouw twaalfde-eeuwer
Elk of elkeelke twaalfde-eeuwer
Welk of welkewelke twaalfde-eeuwer?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote twaalfde-eeuwer, de grote twaalfde-eeuwer
Meervoudde twaalfde-eeuwers, deze twaalfde-eeuwers

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).