De of het tuinpaviljoen?

Het juiste lidwoord is:

het tuinpaviljoen

  • Meervoud: de tuinpaviljoenen / tuinpaviljoens
Betekenis gebouw dat in een tuin staat

Zo gebruik je tuinpaviljoen

Met lidwoordhet tuinpaviljoen
Dit of dezedit tuinpaviljoen
Dat of diedat tuinpaviljoen
Ons of onzeons tuinpaviljoen
Jouwjouw tuinpaviljoen
Elk of elkeelk tuinpaviljoen
Welk of welkewelk tuinpaviljoen?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot tuinpaviljoen, het grote tuinpaviljoen
Meervoudde tuinpaviljoenen, deze tuinpaviljoenen

Voorbeeldzinnen met tuinpaviljoen

  • Op de binnenplaats van het huis dat de Antipovs huurden lag net zo'n bootje met zijn witgeverfde bodem omhoog, waaronder Katjenka speelde als onder het gewelfde dak van een tuinpaviljoen.
  • In Den Haag had je ook het Tuinpaviljoen.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).