De of het trombus?

Het juiste lidwoord is:

de trombus

  • Meervoud: de trombussen / tromben / trombi
  • Verkleinwoord: het trombusje
Betekenis (medisch) bloedprop

Zo gebruik je trombus

Met lidwoordde trombus
Dit of dezedeze trombus
Dat of diedie trombus
Ons of onzeonze trombus
Jouwjouw trombus
Elk of elkeelke trombus
Welk of welkewelke trombus?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote trombus, de grote trombus
Meervoudde trombussen, deze trombussen

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).