De of het toegangsbiljet?

Het juiste lidwoord is:

het toegangsbiljet

  • Meervoud: de toegangsbiljetten
  • Verkleinwoord: het toegangsbiljetje
Betekenis 1. stuk papier waarmee men kan aantonen dat men ergens naar binnen mag gaan 2. (figuurlijk) iets dat zorgt dat je iets kunt krijgen

Zo gebruik je toegangsbiljet

Met lidwoordhet toegangsbiljet
Dit of dezedit toegangsbiljet
Dat of diedat toegangsbiljet
Ons of onzeons toegangsbiljet
Jouwjouw toegangsbiljet
Elk of elkeelk toegangsbiljet
Welk of welkewelk toegangsbiljet?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot toegangsbiljet, het grote toegangsbiljet
Meervoudde toegangsbiljetten, deze toegangsbiljetten

Voorbeeldzinnen met toegangsbiljet

  • Daarbij moet de kunstminnaar zich ook nog eens haasten, want het toegangsbiljet is slechts één dag geldig.
  • Het combi-ticket ‘B-Dagtrip’ (dat een treinticket combineert met een toegangsbiljet tot een evenement) heet voortaan ‘Discovery Combi’.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).