De of het tijdschrijver?

Het juiste lidwoord is:

de tijdschrijver

  • Meervoud: de tijdschrijvers

Zo gebruik je tijdschrijver

Met lidwoordde tijdschrijver
Dit of dezedeze tijdschrijver
Dat of diedie tijdschrijver
Ons of onzeonze tijdschrijver
Jouwjouw tijdschrijver
Elk of elkeelke tijdschrijver
Welk of welkewelke tijdschrijver?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote tijdschrijver, de grote tijdschrijver
Meervoudde tijdschrijvers, deze tijdschrijvers

Meervoud, verkleinwoord en vertaling: WikiWoordenboek, licentie CC BY-SA 4.0.