De of het tiende-eeuwer?

Het juiste lidwoord is:

de tiende-eeuwer

  • Meervoud: de tiende-eeuwers
  • Verkleinwoord: het tiende-eeuwertje
Betekenis iemand die in de tiende eeuw heeft geleefd

Zo gebruik je tiende-eeuwer

Met lidwoordde tiende-eeuwer
Dit of dezedeze tiende-eeuwer
Dat of diedie tiende-eeuwer
Ons of onzeonze tiende-eeuwer
Jouwjouw tiende-eeuwer
Elk of elkeelke tiende-eeuwer
Welk of welkewelke tiende-eeuwer?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote tiende-eeuwer, de grote tiende-eeuwer
Meervoudde tiende-eeuwers, deze tiende-eeuwers

Woorden die eindigen op tiende-eeuwer

vijftiende-eeuwer | negentiende-eeuwer | zeventiende-eeuwer | dertiende-eeuwer | veertiende-eeuwer | zestiende-eeuwer | achttiende-eeuwer

Bij samenstellingen bepaalt het laatste deel het lidwoord. Bekijk de regel

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).