De of het teldag?

Het juiste lidwoord is:

de teldag

  • Meervoud: de teldagen
Betekenis dag waarop mensen een bepaald onderwerp tellen

Zo gebruik je teldag

Met lidwoordde teldag
Dit of dezedeze teldag
Dat of diedie teldag
Ons of onzeonze teldag
Jouwjouw teldag
Elk of elkeelke teldag
Welk of welkewelke teldag?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote teldag, de grote teldag
Meervoudde teldagen, deze teldagen

Voorbeeldzinnen met teldag

  • De vogelwerkgroep organiseerde ook dit jaar de jaarlijkse teldag om tuinvogels te tellen.

Woorden die eindigen op teldag

schelpenteldag | besteldag

Bij samenstellingen bepaalt het laatste deel het lidwoord. Bekijk de regel

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).