De of het tegenbetoger?

Het juiste lidwoord is:

de tegenbetoger

  • Meervoud: de tegenbetogers
Betekenis persoon die deelneemt aan een protestmars tegen een andere protestmars

Zo gebruik je tegenbetoger

Met lidwoordde tegenbetoger
Dit of dezedeze tegenbetoger
Dat of diedie tegenbetoger
Ons of onzeonze tegenbetoger
Jouwjouw tegenbetoger
Elk of elkeelke tegenbetoger
Welk of welkewelke tegenbetoger?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote tegenbetoger, de grote tegenbetoger
Meervoudde tegenbetogers, deze tegenbetogers

Voorbeeldzinnen met tegenbetoger

  • Ook in Antwerpen en Kessel-Lo (bij Leuven) waren er eerder al incidenten met tegenbetogers bij lezingen van Dewinter.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).