De of het tandpiercing?

Het juiste lidwoord is:

de tandpiercing

  • Meervoud: de tandpiercings
  • Verkleinwoord: het tandpiercinkje
Regel Woorden op -ing: bijna altijd de. Bekijk de regel
Betekenis een vorm van tandversiering waarbij een klein sieraad (steentje, kristal of goudvormpje) op het tandoppervlak wordt geplakt.

Zo gebruik je tandpiercing

Met lidwoordde tandpiercing
Dit of dezedeze tandpiercing
Dat of diedie tandpiercing
Ons of onzeonze tandpiercing
Jouwjouw tandpiercing
Elk of elkeelke tandpiercing
Welk of welkewelke tandpiercing?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote tandpiercing, de grote tandpiercing
Meervoudde tandpiercings, deze tandpiercings

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).