De of het tafelspeech?

Het juiste lidwoord is:

de tafelspeech

  • Meervoud: de tafelspeechen / tafelspeeches
Betekenis redevoering aan een maaltijd

Zo gebruik je tafelspeech

Met lidwoordde tafelspeech
Dit of dezedeze tafelspeech
Dat of diedie tafelspeech
Ons of onzeonze tafelspeech
Jouwjouw tafelspeech
Elk of elkeelke tafelspeech
Welk of welkewelke tafelspeech?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote tafelspeech, de grote tafelspeech
Meervoudde tafelspeechen, deze tafelspeechen

Voorbeeldzinnen met tafelspeech

  • Ank Bijleveld-Schouten, Commissaris van de Koning in Overijssel, dinsdagavond naar voren bij een tafelspeech op Landgoed Warmelo in Diepenheim.
  • En toch draait uw maag zich half om als u uw vertrekkende directeur mag toespreken of de familie met een tafelspeech mag onderhouden op de bruiloft van uw dochter.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).