De of het supermarkt?

Het juiste lidwoord is:

de supermarkt

  • Meervoud: de supermarkten
  • Verkleinwoord: het supermarktje
Betekenis (handel) een relatief grote zelfbedieningswinkel waar voedingsmiddelen en huishoudelijke artikelen worden verkocht

Zo gebruik je supermarkt

Met lidwoordde supermarkt
Dit of dezedeze supermarkt
Dat of diedie supermarkt
Ons of onzeonze supermarkt
Jouwjouw supermarkt
Elk of elkeelke supermarkt
Welk of welkewelke supermarkt?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote supermarkt, de grote supermarkt
Meervoudde supermarkten, deze supermarkten

Voorbeeldzinnen met supermarkt

  • De supermarkt is open.
  • De supermarkt was dicht.
  • Mary werkt in een supermarkt.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).