De of het stookkost?

Het juiste lidwoord is:

de stookkost

Betekenis hoeveelheid geld die men moet betalen voor het verwarmen van een gebouw

Zo gebruik je stookkost

Met lidwoordde stookkost
Dit of dezedeze stookkost
Dat of diedie stookkost
Ons of onzeonze stookkost
Jouwjouw stookkost
Elk of elkeelke stookkost
Welk of welkewelke stookkost?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote stookkost, de grote stookkost

Voorbeeldzinnen met stookkost

  • De verwarming draaide op stookolie, maar omdat het gebouw vrij goed geïsoleerd was, lag de stookkost redelijk laag.

Woorden die beginnen met stookkost

stookkosten

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).