De of het stookalert?

Het juiste lidwoord is:

de stookalert

  • Meervoud: de stookalerts
  • Verkleinwoord: het stookalertje
Betekenis waarschuwing bij bepaalde weersomstandigheden dat het stoken van hout extra veel hinder kan opleveren

Zo gebruik je stookalert

Met lidwoordde stookalert
Dit of dezedeze stookalert
Dat of diedie stookalert
Ons of onzeonze stookalert
Jouwjouw stookalert
Elk of elkeelke stookalert
Welk of welkewelke stookalert?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote stookalert, de grote stookalert
Meervoudde stookalerts, deze stookalerts

Voorbeeldzinnen met stookalert

  • Wel voerde de regering een stookalert in, waarbij het RIVM bij bepaalde weersomstandigheden (windstil weer, mist) adviseert om bijvoorbeeld geen houtkachels te stoken.
  • Het RIVM heeft voor de provincie Groningen een stookalert afgegeven.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).