De of het speelkalender?

Het juiste lidwoord is:

de speelkalender

  • Meervoud: de speelkalenders
Betekenis kalender waarop de data van sportwedstrijden staan vermeld

Zo gebruik je speelkalender

Met lidwoordde speelkalender
Dit of dezedeze speelkalender
Dat of diedie speelkalender
Ons of onzeonze speelkalender
Jouwjouw speelkalender
Elk of elkeelke speelkalender
Welk of welkewelke speelkalender?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote speelkalender, de grote speelkalender
Meervoudde speelkalenders, deze speelkalenders

Voorbeeldzinnen met speelkalender

  • Het toernooi valt buiten de internationale speelkalender van de FIFA, waardoor clubs niet verplicht zijn om spelers af te staan.
  • “In het algemeen ben ik een tegenstander van meer wedstrijden, aangezien de speelkalender al zo vol is.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).