De of het sologezin?

Het juiste lidwoord is:

het sologezin

  • Meervoud: de sologezinnen
Betekenis huishouden met één persoon

Zo gebruik je sologezin

Met lidwoordhet sologezin
Dit of dezedit sologezin
Dat of diedat sologezin
Ons of onzeons sologezin
Jouwjouw sologezin
Elk of elkeelk sologezin
Welk of welkewelk sologezin?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot sologezin, het grote sologezin
Meervoudde sologezinnen, deze sologezinnen

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).