De of het servicemonteur?

Het juiste lidwoord is:

de servicemonteur

  • Meervoud: de servicemonteurs
Betekenis (techniek, beroep) monteur die de service verzorgt

Zo gebruik je servicemonteur

Met lidwoordde servicemonteur
Dit of dezedeze servicemonteur
Dat of diedie servicemonteur
Ons of onzeonze servicemonteur
Jouwjouw servicemonteur
Elk of elkeelke servicemonteur
Welk of welkewelke servicemonteur?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote servicemonteur, de grote servicemonteur
Meervoudde servicemonteurs, deze servicemonteurs

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).